P4 2.2.2 Werkzaamheden professionele organisaties op bestaande niveau houden

In de primaire begroting 2024 zijn de subsidiebudgetten voor de professionele organisaties verhoogd met het algemene index voor de begroting (3,2%). We schatten echter in dat de werkelijke kostenontwikkeling in 2024 circa 10% zal zijn. Het gaat om:
• Personeelslasten (CAO’s en hogere inschalingen);
• Huisvestingslasten (zo werkt de huurverhoging van de Omslaggebruikers in 2024 met 10% door in de subsidiebehoefte);
• Algemene materiele/consumptieve kosten.
Al met al is te verwachten dat de subsidie met 10% omhoog moet om de activiteiten te blijven uitvoeren. Dat vergt een extra budgetverhoging van 6,8%. De Raad heeft bij behandeling van de Kadernota 2024 /2027 op 27 juni 2023 besloten dat die extra verhoging (aangemerkt als “noodzakelijk”) nog niet wordt verwerkt in de primaire begroting, in verband met de financiële tekorten in de Kadernota 2024. De Raad besloot voor de zaken ‘Noodzakelijk’ en ‘Gewenst’ een nadere afweging en definitieve keuzes te maken bij de behandeling van en besluitvorming over de Begroting 2024-2027. Dit is afhankelijk van de dan zichtbare meerjarige saldi.
In programma 4 gaat het om de volgende extra verhogingen:
€ 21.080 Openbare bibliotheek
€ 31.280 Club- en buurthuiswerk
€ 4.964 Muziekonderwijs
€ 1.360 Overig Vormings- en ontwikkelingswerk (discriminatiezaken)
€ 2.890 Jongerenwerk
€ 61.574 Totaal
We tekenen hierbij het volgende aan. Als de benodigde verhoging niet kan worden gerealiseerd, is voor de betrokken organisaties feitelijk sprake van een bezuiniging i.c. een ontoereikende subsidie. De subsidie blijft dan immers fors achter bij de reële kostenstijging. Zo is in juli 2023 een nieuwe CAO-Welzijn afgesloten die voorziet in de volgende salarisverhogingen: 7% per 1 juli 2023, 4 % per 1 januari 2024 en nog eens 4% per 1 juli 2024. De salariskosten (dus inclusief afdrachten premies e.d.) voor de werkgever zijn daarbij hoger dan deze percentages. Het moet nog blijken hoe dit per organisatie precies doorwerkt en daarom houden we het totaalbedrag van €61.574 aan als benodigd extra budget binnen programma 4. Als de raad besluit dit extra budget niet toe te kennen, moeten we ons realiseren dat te weinig subsidie door de organisaties niet van het ene op het ander jaar kunnen worden vertaald in ombuigingen zoals minder productie of minder activiteiten. Zo nodig kunnen in 2024 ombuigingen worden voorbereid. Hierover gaan we tijdig met onze subsidiepartners in gesprek.